248819
 
 
 
 
 

     Menu:

> Startscherm
> Schrijvers
> Verhalen
> Open verhalen
> FAQ
> Vintage

Verwachting
Door: EsQuizzy
Commentaar van de schrijver:
We lazen vanavond Psalm 23 aan tafel...
Categorie: Drama / Roman
Geschatte leestijd: ca. 4 minuten

Zacht vrolijk geel schemerde het winterse zonlicht door de ramen, wat het vertrek een warme gloed gaf. Er hing een vredige atmosfeer die niet overeen leek te komen met de februarivorst die in de wind om het verzorgingstehuis sneed alsof ze samen de rode hoekstenen wel zouden willen aantasten.
Aan het bed zat een vrouw van middelbare leeftijd — een blos op haar wangen die het gevolg was van een gloed, die een meer technische dan romantische achtergrond had. Ze bestudeerde zeer geconcentreerd het gezicht van haar vader, dat rimpelig en bleek boven de dekens uit kwam. Zesennegentig jaar was hij. Zijn nu grotendeels kale hoofd had nog steeds dezelfde lijnen die ze als kind al verwonderd aandachtig met haar vingers gevolgd had — ook al waren ze deels vervaagd door de tand des tijds, en deels verborgen door jongere lijnen die zijn ouderdom prijsgaven.
Hij opende zijn nu zwakke ogen.
„Marleen?” klonk zijn fluisterend raspende vraag om aandacht. Het was nauwelijks nodig: hij had haar onverdeelde attentie al. „Lees nog eens mijn Psalm voor, wil je, mijn lieve kind?”
Ze glimlachte naar hem. Zijn Psalm, dat klonk zo heerlijk vertrouwd! Haar Bijbel kwam uit haar tas tevoorschijn. Ze opende hem in het midden, zoals ze als kind reeds van hem geleerd had.
Even ritselde het flinterdunne papier.
Toen klonk haar stem, helder en vast om hem de gelegenheid te geven het te verstaan. De helderheid hield aan, maar de vastigheid wankelde, vooral bij het laatste vers. Zacht fluisterde hij mee, zijn lippen vormden nauwelijks hoorbaar de woorden toen zij niet kon dan stoppen: „Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen, al de dagen van mijn leven. Ik zal in het huis mijns Heren verblijven tot in lengte van dagen.”
Stilte.
Een diepe, trillende zucht, terwijl ze elkaar diep aankeken.
„Tot in het Vaderhuis, mijn lieve Marleen,” fluisterde hij. Toen sloeg hij de ogen op, schijnbaar naar een punt ver achter de muur tegenover hem. Maar intuïtief wist Marleen dat het zijn laatste oogopslag zou zijn hier op aarde. Hij zag wat haar ogen nog niet konden. Hij was er klaar voor.
Terwijl zijn hoofd gevoelloos rustte op het witte kussen, legde zij haar voorhoofd met een snik op zijn borst.
„Oh, lieve pa!”



Hij sloeg zijn ogen op. Helder licht stroomde naar binnen, frisser en toch warmer dan enig licht dat hij ooit eerder aanschouwd had. Om hem heen stonden mensen, mensen die hem bekend voorkwamen — en mensen die hij zonder meer herkende… van vroeger. Stralende, lachende gezichten. Blijde gezichten. Hij herkende de vreugde die diep in hem opborrelde: het weerzien na lang gewacht te hebben! Maar tussen die allen zocht hij die Ene, die hij nog nooit gezien had maar zonder twijfel zou herkennen...
Ja, daar, achteraan… die stralende Figuur, hoe stond het er ook alweer? Al het heerlijke wat hij zich altijd had voorgesteld bij het lezen van het eerste hoofdstuk van de Openbaring van Jezus Christus, verbleekte in het licht van de werkelijkheid die hij nu voor zich zag staan.
Hij rende op Hem af.
Hij rende op hém af.
Halverwege vielen ze elkaar in de armen.
Met luide uithalen weende hij, terwijl de Eeuwige hem in Zijn omhelzing wiegde.
„Johan, Mijn kleine broertje,” begon Hij uiteindelijk een vraag, waarop Hij het antwoord al oneindig lang wist. „Waarom huil je?”
De nieuwkomer kwam tot rust, en antwoordde: „Mijn Heer, toen ik jong was, verlangde ik er vurig naar om zo snel mogelijk op deze plaats te mogen komen, bij U.”
Liefdevolle ogen keken hem aan, in stille afwachting van het vervolg.
„Mensen om mij heen begonnen weg te vallen, …ook mensen die soms veel jonger waren dan ik.”
De Leeuw van de stam van Juda knikte bemoedigend.
„Het wachten duurde zo vreselijk lang, Heer… En ik begreep maar niet waaróm! Misschien begrijp ik het nóg wel niet… De wereld beneden was zo hard… Er was zo veel pijn en verdriet om mij heen…”
„Mijn vriend,” klonk nu de Stem die de oorsprong was van de schepping. „Toen je jong was, verlangde je er vurig naar om een lief meisje uit Mijn hand te mogen ontvangen en haar Mijn liefde te laten ervaren. Dagelijks kwam je met het verzoek bij Mij om haar te mogen ontmoeten. Dagelijks keek je ieder meisje dat je ontmoette in de ogen, in de hoop háár eindelijk te mogen ontmoeten.”
Met tranen vervulde ogen keken Hem aan, in stille afwachting van het bekende vervolg.
„Mensen om je heen vonden elkaar, trouwden en kregen kinderen, …ook mensen die soms veel jonger waren dan jij.”
De net aangekomen hemelbewoner knikte verwonderd.
„Het wachten duurde zo vreselijk lang, Johan… En je begreep maar niet waaróm! Relaties werden verbroken en lieten pijn en verdriet achter in je leven…”
Een stilte viel.
Johan begreep het. Toch hoopte hij de uitleg uit de mond van zijn Schepper te horen. In de bovennatuurlijke wereld waar iedere hoop vervuld wordt, hoefde hij hierop niet lang te wachten.
„Eindelijk ontmoette je Clara, die tot je hart kon doordringen omdat Ik jullie elkaar gegeven had. En toen jullie eenmaal getrouwd waren, keek je in verwondering om je heen en begréép je waarom jullie beiden zo lang hadden moeten wachten.”
Johan glimlachte.
De Heer vervolgde zacht: „Door je vurige verlangen en je vastbeslotenheid alléén te willen trouwen met het meisje dat Ik voor je bereidde, en doordat Ik je inzicht gaf in Mijn bedoeling voor het huwelijk, kon je het lange wachten van die voorbereidingstijd áán.”
Johan lachte nu breeduit, en zei: „Ook al leek het wrééd zo veel inzicht te hebben ontvangen!”
De Heer knikte.
„En door je vurige verlangen en je vastbeslotenheid hier zo snel mogelijk te komen om tot in lengte van dagen te wonen op de plaats die Ik voor je aan het bereiden ben, kon je het lange wachten in de wereld van de duisternis aan… zodat je daar tot Mijn eer kon leven. Maar jij was niet de énige, die naar deze ontmoeting verlangde…”
Hun ogen ontmoetten elkaar weer.
Johan zuchtte eens van puur geluk, en fluisterde: „Ook al leek het wreed om daar te moeten leven met zo’n diep verlangen naar Uw aanwezigheid…”
„We zullen gauw alle tijd hebben voor elkaar,” zo sprak de Roos van Saron; de Lelie der dalen. „Er is hier namelijk iemand, die óók naar jouw aanwezigheid hier heeft verlangd, om het met je te delen in een vernieuwde, veranderde relatie.”
Johan draaide zich om naar de persoon die hij achter zich vermoedde vanwege de over zijn schouder gerichte blik van de Alziende. Een moment later hing ze huilend van vreugde om zijn nek.
„Clara!” lachte hij, klaar om de Nooit Eindigende Ontdekkingsreis te beginnen in een wereld waarin grenzen altijd verder liggen — en wachten veel, véél langer, maar nóóit tevergeefs kan zijn…

Gepost op 02-12-2005 om 20:44 uur
921 keer gelezen

Alle verhalen van deze schrijver (EsQuizzy)



Door: watspreektjouaan
Wat mij betreft is hier maar één woord voor. 'Indrukwekkend'
Gepost op 03-12-2005 Om 10:29
Dank je wel!
Gepost op 05-12-2005 Om 16:17

Door: kiezel
Je wordt er stil van... Hoe zou het zijn om in de eeuwigheid de Eeuwige te ontmoeten? Zoals jij het hier beschrijft kan ik me het goed voorstellen. Ook al weet ik zeker dat we allemaal, wat voor beeld we nu ook van de eeuwigheid hebben, nog blijer (veel blijer (heel heel heel erg blij)) verrast zullen zijn! Om dan bij Hem te zijn. Thuis.
Gepost op 05-12-2005 Om 09:59
Ik heb al een antal keren een verhal geschreven waarin ik mijn voorstelling van de hemel probeerde te verwerken. Maar, nee, het is niet voor te stellen. Wel is er over na te denken... Een heleboel heb ik geleerd van de boeken van Alcorn (Deadline & Het Territorium), Liardon (Ik zag de hemel) en Peretti (Tilly). Eén van de dingen die ik weleens als grapje tegen de Heer heb gezegd is dat ik nog eens een watergevecht met Hem wil houden. Feest lijkt me dat! Dus ik kom de hemel binnen en... Plons!
Gepost op 05-12-2005 Om 18:53

Door: wiwiwam
Wow, dit is echt jij!! Ik ben er stil van. Weet je, God kent onze verlangens, en geeft ons wat we nodig hebben. Hou je daaraan vast!!! Hou van je, mijn broertje!!!
Gepost op 26-01-2006 Om 14:35
Dank je, zusje! Ik hoop, dat je je hier thuis gaat voelen!
Gepost op 26-01-2006 Om 14:40

Door:
Mooi, EsQuizzy. Ontroerend.

Kleine opmerking: Hij zag wat haar ogen nog niet konden.....zien? Konden haar ogen niet zien of konden haar ogen niet zien wat zijn ogen wel konden.......zien?
Gepost op 30-08-2010 Om 18:41

...zien.

=)

Gepost op 30-08-2010 Om 19:39

Door:
Ik heb die zin drie keer gelezen en ik vind m nog twijfelachtig. Maar ik begrijp het wel als je het zo laat staan, want ja, beter een vogel in de hand dan tien (vogels) in de lucht, nietwaar?
Gepost op 30-08-2010 Om 20:34

Hij *is* ook twijfelachtig. =)

Gepost op 30-08-2010 Om 20:38

Door:
Komt deze in je bundel? Ik vind m erg mooi en denk dat deze beslist niet mag ontbreken.
Gepost op 30-07-2011 Om 11:51

Ja, dit werkje staat op de lijst van genomineerden. =)

Fijn dat je het mooi vindt! =)

Gepost op 30-07-2011 Om 20:20

Door: Rapunzel
Wow, Quizzy, niet om andere dingen uit te vlakken, maar dit is IMVHO most definitely één van de mooiste stukken van jouw hand, die ik tot nu toe gelezen heb
Gepost op 14-12-2011 Om 17:50

Dank je wel! =)

Gepost op 14-12-2011 Om 18:03

Dit werk is ingezonden op http://www.blocnoot.nl en blijft te allen tijde eigendom van de feitelijke auteur van het werk (of bloCnoot zolang de auteur niet kan worden teruggevonden). Zonder toestemming van de feitelijke auteur mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen. BloCnoot zal nooit toestemming geven indien de auteur niet teruggevonden kan worden. Mocht er sprake zijn van misbruik van de inhoud van het gepubliceerde werk op welke manier ook zullen er (in samenspraak met de auteur) stappen ondernomen worden.