248819
 
 
 
 
 

     Menu:

> Startscherm
> Schrijvers
> Verhalen
> Open verhalen
> FAQ
> Vintage

De heg
Door: kiezel
Commentaar van de schrijver:
Zomaar een verhaal. Of eigenlijk niet zomaar; het is een heel bijzonder verhaal. Lees zelf maar.
Categorie: Diversen
Geschatte leestijd: ca. 7 minuten

Toen ik een kleine jongen was van een jaar of tien, liep ik iedere ochtend van huis naar school en aan het einde van de schooldag weer terug naar huis. Meestal liep ik alleen en onderweg liet ik dan mijn fantasie de vrije loop en bedacht de wonderlijkste dingen. Wat zou er allemaal kunnen gebeuren op zo’n wandeltocht? In welke spannende avonturen zou ik verzeild kunnen raken? Nou was die tocht van mij vrij kort, dus eigenlijk gebeurde er nooit iets.

Ik moest hieraan terugdenken toen ik het verhaal hoorde van een jongen die ook iedere dag van huis naar school en weer terug ging. Deze jongen was langer onderweg dan ik, want hij woonde in een boerderij aan de rand van een klein dorp. Zijn ouders waren geen boer, maar ze woonden in het woongedeelte van de oude boerderij. De schuren werden gebruikt als opslagruimte voor van alles en nog wat.

Het verhaal van deze jongen is een beetje vreemd. Als ik hem niet zo goed zou kennen, zou ik misschien denken dat het niet waar was en dat hij het zelf had verzonnen. Maar als jij hem in zijn ogen had gekeken toen hij het vertelde, was je vast net zo overtuigd geweest als ik.

De jongen om wie het gaat – laat ik hem Jeroen noemen, omdat hij vast niet wil dat ik zijn echte naam gebruik – ging dus iedere dag van de boerderij naar school. ’s Ochtends vroeg stapte hij op zijn fiets. Dan trapte hij ruim een half uur tegen de wind in naar de stad. Tussen de middag at hij op school – er zou niet eens genoeg tijd zijn om heen en weer te fietsen, laat staan om ook nog te eten – en aan het einde van de schooldag fietste hij weer tegen de wind in terug naar huis. De eerste helft van de heenweg was een eenzame rit, waarbij Jeroen maar moeilijk wakker kon worden. Ongeveer halverwege stond iedere ochtend zijn schoolvriendinnetje te wachten, ik noem haar even Lisa. Samen fietsten ze dan de rest van de weg naar school. Lisa zat één klas lager dan Jeroen. Ze praatten onderweg niet veel, maar ze voelden zich bij elkaar op hun gemak.

Op een ochtend in oktober (het kan ook november geweest zijn) stapte Jeroen, net als anders, de achterdeur van de woonboerderij uit. Hij schoof de grote grendel van de schuurdeur en pakte zijn fiets. De achterband was nogal zacht en hij bedacht dat hij die gistermiddag op had willen pompen. Dat had hij niet gedaan. Nu had hij geen tijd meer, dus hij zou het wel even op school doen. Daar stond een fietspomp in de meterkast. Een mooie donkerblauwe met een rode slang.

Het waaide flink en Jeroen kwam niet snel vooruit. Hij baalde van zijn zachte achterband en hij had het idee dat het rubber aan de natte weg bleef kleven, zo zwaar trapte het. Het motregende zachtjes, maar hij vond het niet nodig om zijn regenpak aan te doen.
Een klein stukje voordat hij bij het huis van Lisa kwam, reed hij over een smal paadje tussen twee hoge heggen door, waar je niet overheen kon kijken. Eigenlijk mocht hij daar niet langs, want je kwam over iemands privé-terrein heen. Maar de bordjes ‘Verboden toegang’ zag Jeroen al lang niet meer, zo vaak was hij er al geweest. Zijn ouders fietsten er trouwens zelf ook wel eens langs, want anders moest je om een groot stuk land met boomgaarden en een stukje weiland heen.
Het paadje tussen de heggen maakte een perfecte bocht naar rechts, maar dan zo langzaam dat het net leek of je rechtdoor reed. Je merkte eigenlijk alleen dat je de bocht om ging, doordat het heel lang duurde voor het einde van de hoge heggen zichtbaar werd. Het grootste deel van de tijd kon je behalve links en rechts ook zowel voor als achter alleen maar heg zien.
Er stonden wat plassen op het pad maar verder was er goed te fietsen. Dat wil zeggen, als je fietsbanden goed hard zouden zijn. Jeroen baalde nu dat hij toch niet thuis nog even zijn achterband had opgepompt. Het leek wel alsof die hoe langer hoe zachter werd. Jeroen begon de kleine steentjes, die her en der op het paadje lagen, te voelen op zijn velg. Nu wist hij het zeker. Zijn band was gewoon lek en liep leger en leger.
Ongeveer halverwege de bocht tussen de heggen besloot hij te stoppen. Hij klapte zijn standaard uit en liep naar de achterkant van zijn fiets. Op het moment dat hij op zijn hurken zat en in de achterband kneep, hoorde hij een vreemd geluid – een soort hoog gegil. Hij had kunnen denken dat het een vogel was, die nog niet naar het zuiden was gevlogen, maar daarvoor hield het geluid te lang aan. Hij probeerde te bepalen uit welke richting het kwam. Hij draaide zijn hoofd heen en weer, maar door de wind die zelfs tussen de heggen door nog sterk was, lukte het hem niet. Het geluid stierf weg.

Jeroen stond op en liep voorzichtig heen en weer. Het begon harder te regenen en hij overwoog om toch maar zijn regenpak aan te doen. Plotseling hoorde hij een luide knal, die de losse blaadjes uit de heg deed vallen. Onmiddellijk rende Jeroen in de richting van de knal. Later zou hij zich afvragen, waarom hij niet juist de andere kant op was gerend. Een klein stukje terug op het pad zag hij nu een opening in de heg die aan de binnenkant van de bocht zat. De opening was niet groot genoeg voor een volwassene, maar Jeroen zou er bijna rechtop onderdoor kunnen lopen. Nieuwsgierig keek hij het gat in. De heg moest nog veel dikker zijn dan hij leek, want Jeroen kon het einde niet zien. Het leek wel een tunnel. Zou hij...? Hij keek naar zijn fiets. Die stond niet op slot, maar aan de andere kant, wat moest iemand met een fiets met een lekke achterband?


Zonder er verder over na te denken (als hij wel had nagedacht, had hij bedacht dat Lisa stond te wachten en dat ze te laat op school zouden komen) stapte Jeroen de heg in. De regen werd door de dichte blaadjes tegengehouden, maar af en toe sijpelden er dikke druppels door die Jeroens haar kletsnat maakten. Hij zag licht aan het einde van de tunnel.
Hij was nu door de hele breedte van de heg heen gelopen en zijn weg werd versperd door een groot ijzeren hek. Hij duwde eens tegen de spijlen om te voelen of het meegaf, maar er was geen beweging in te krijgen. Hij trok aan de verroeste klink, maar ook die gaf geen krimp. Dit leek het einde van Jeroens ontdekkingstocht.
Hij keerde zich om en liep peinzend een klein stukje terug door de tunnel. Hij schrok zo van de tweede harde knal, dat hij zich in de dichte heg liet vallen. De takjes schuurden tegen zijn gezicht. Toen hij voorzichtig keek naar wat het begin van de tunnel had moeten zijn, zag hij daar nu net zo’n hek als aan de andere kant.
‘Dit kan niet,’ zei hij tegen zichzelf, ‘dit is niet echt.’ Maar hoe langer hij daar tegen de heg gedrukt bleef staan, hoe echter het werd. Jeroen raakte in paniek. Hij rende naar het tweede hek toe, maar ook dat zat stevig dicht, alsof het in geen jaren open geweest was. Hij probeerde door het hek heen naar rechts te kijken of zijn fiets er nog stond, maar het zicht werd hem ontnomen door de lichte bocht in het pad. Een moment stond hij stil, maar toen rende hij weer de tunnel door, naar het eerste hek. Hij schudde en rammelde aan de spijlen, schopte tegen het slot en schreeuwde dat het open moest gaan. Maar het luisterde niet.
Hoe lang hij daar vertwijfeld had gestaan, wist hij later niet meer. Ook niet hoe vaak hij tussen beide hekken op en neer was gelopen. Op het laatst wist hij niet eens meer aan welke kant zijn fiets nou eigenlijk stond.
En toen, op een moment dat Jeroen precies in het midden van de tunnel stond, was er weer dat hoge geluid. Het klonk heel helder. Veel helderder dan het had geklonken toen Jeroen het voor het eerst had gehoord. Op de één of andere manier stelde het hem gerust.
Hij liep naar één van de uiteinden van de tunnel en zag tot zijn verbazing en opluchting dat het hek aan die kant open was. Hij rende de tunnel uit en merkte dat hij weer op het licht gebogen pad tussen de heggen stond. Hij rende naar rechts, in de hoop daar zijn fiets te vinden. Maar hij zag hem niet. Hij rende naar links en was blij toen hij daar zijn trouwe fiets weer zag staan. Alsof hij op hem had staan wachten.
Hij sprong op het zadel en trapte zo hard als hij kon. Pas nadat hij weer op de gewone weg was en het pad tussen de heggen achter hem lag, ontdekte hij dat zijn achterband weer helemaal hard was. Iemand moest hem opgepompt hebben. Sterker nog, iemand moest de band geplakt hebben.

Jeroen was verbaasd om te zien dat Lisa nog stond te wachten. Hij moest toch zeker een half uur te laat zijn.
‘Hee Lisa,’ riep hij hijgend, terwijl hij zijn bezwete en beregende voorhoofd afveegde, ‘je bent er nog.’
‘Ja tuurlijk ben ik er nog,’ antwoordde Lisa op een manier die duidelijk maakte dat ze er bij dacht: waarom zou ik er niet meer zijn?
Lisa zette haar voet af op de grond en kwam naast Jeroen fietsen. ‘Heb je hard gefietst?’ zei ze. ‘Je bent helemaal rood. Waarom heb je eigenlijk je regenpak niet aan?’
Toen Jeroen weer wat op adem gekomen was, vertelde hij haar het hele verhaal. Maar hoe hij haar ook probeerde te overtuigen, ze geloofde er geen woord van. Als Jeroen er niet zo zeker van was geweest, dat het echt gebeurd was, had ze hem zelf nog aan het twijfelen gekregen.
Ze kwamen net op tijd op school. Jeroens achterband was nog steeds hard. De blauwe fietspomp bleef in de meterkast staan.

’s Middags wist Jeroen Lisa toch zover te krijgen dat ze even met hem meefietste naar het paadje tussen de heggen. Eigenlijk mocht Lisa er niet komen van haar ouders, maar Jeroen was erg vasthoudend.
Ze fietsten de bocht langzaam een keer naar links, maar ze zagen niks. Alleen die dichte groene heg aan weerszijden van het pad. Aan de andere kant keerden ze om en zo fietsten ze de bocht nog langzamer een keer naar rechts. De plassen lagen er nog. De kleine steentjes lagen nog steeds her en der verspreid. Maar het grote ijzeren hek vonden ze niet meer terug. Nog geen klein ijzeren hekje.

Sinds die dag fietste Jeroen om. Niet meer over het paadje tussen de heggen door. Hij maakte nu de omweg om de boomgaarden en het stukje weiland heen. ‘Ach wat maken die vijf minuten extra nou uit,’ dacht hij dan bij zichzelf. Hij wist zelfs zijn ouders te overtuigen dat ze echt niet meer over iemands privé-terrein mochten fietsen. Maar zijn bijzondere verhaal heeft hij volgens mij nooit aan hen verteld.

Zelf ben ik later ook eens gaan kijken. De heggen waren er niet meer. Het hele terrein was begroeid met onkruid en wilde planten. Er was geen doorkomen aan. Hier en daar stonden nog roestige bordjes met ‘Verboden toegang’, ook al was dat nauwelijks meer leesbaar door de inwerking van de elementen. Wel heb ik een paadje gevonden, dat in een flauwe bocht naar de andere kant lijkt te lopen. Maar of dit nou hetzelfde paadje is als het pad dat tussen de heggen doorliep, is moeilijk te zeggen. Ik kan het ook niet controleren. Het pad is afgesloten door een groot ijzeren hek. Er is geen beweging in te krijgen.
Gepost op 26-04-2005 om 09:35 uur
952 keer gelezen

Alle verhalen van deze schrijver (kiezel)



Door: snow
een interessant verhaal. Het leest niet heel gemakkelijk, je moet je goed een voorstelling maken hoe het zit met die heggen, de bocht, de hekken, de geluiden.
Is dit nou echt of niet? Komt er nog een vervolg? Want hier kun je wel een spannend verhaal omheen breien. Iets van dat het priveterrein vroeger een oud geheim herbergde, waar Jeroen iets van heeft opgevangen.
Ja, goed verhaal. En ook wel eens leuk na alle gedichten
Gepost op 27-04-2005 Om 11:47
Een vervolg...? Tja, het is bedoeld als los verhaal, maar wie weet. En die vragen die jij hebt die heb ik zelf ook!
Ik moet je eerlijk zeggen dat deze schrijfstijl voor mij een soort experiment is, maar ik vind het zelf wel erg leuk tot nu toe
Gepost op 28-04-2005 Om 09:25

Door: brechtje
Leuk, kiezel, zo'n verhaal!! Ik moest even doorlezen en toen zat de vaart erin. Je had iets eerder aan de opbouw van de spanning kunnen beginnen. Enne... ik vind het vervelend voor Jeroen dat die wind zo snel draait dat hij en op de heenweg en op de terugweg wind tegen heeft Het is wel een verhaal om nog eens overnieuw te schrijven en uit te breiden
Gepost op 01-05-2005 Om 14:38
Dank voor je reactie
Die tegenwind is natuurlijk gewoon de perceptie van Jeroen. Eigenlijk zou ik nog meer van die niet-helemaal-kloppende dingetjes erin willen stoppen die je pas door hebt als je het echt goed leest maar die wel wat zeggen over de hoofdpersoon.
Gepost op 02-05-2005 Om 09:25

Door: anneke
Leuk verhaal, ja. Je kreeg het voorelkaar dat ik 7 min. lang geconcentreerd op mijn beeldscherm zat te lezen en dat bleef doen. Dat van die 2x tegenwind viel mij, als zeer regelmatige fietser, ook op. Is zeker meer uit te halen, dit verhaal.
Gepost op 03-05-2005 Om 14:40

Door: EsQuizzy
Tegenwind... In een wereld waar hekken verschijnen en weer even snel verdwijnen, een wereld waar banden zichzelf blijken te repareren... Daar moet het toch mogelijk zijn dat je altijd tegenwind hebt, in welke richting je ook fietst?

Beetje magisch-realisme-achtige stijl. Als dit een experiment was, zou ik je willen aanmoedigen om je onderzoek zeker voort te zetten!

Misschien was dit een epiloog... Ben benieuwd naar het eigenlijke verhaal...
Gepost op 25-06-2005 Om 23:59
Tja, ik ook, soms vind ik het wel eens jammer dat ik mezelf niet even in een wereld neer kan zetten waarin ik onbeperkt tijd zou hebben voor schrijven en andere dingen... ;)
Gepost op 01-07-2005 Om 13:32

Door: Levanda
Heel... apart. Op een goede manier, hoor. Maar ik zou dit denk ik niet zo snel "mooi" noemen. Hmm, hoe vind ik hier de juiste woorden voor...
Misschien kan ik beter niet naar zoeken. Ik vond het in ieder geval leuk om te lezen. Leuk is echter ook niet het woord waarmee ik het zou willen beschrijven.
Gepost op 11-03-2010 Om 14:57
Da`s lang geleden!

Bedankt voor je euh... nou ja... hoe moet ik dat nou zeggen... tja... reactie!

=)
Gepost op 11-03-2010 Om 15:14

Dit werk is ingezonden op http://www.blocnoot.nl en blijft te allen tijde eigendom van de feitelijke auteur van het werk (of bloCnoot zolang de auteur niet kan worden teruggevonden). Zonder toestemming van de feitelijke auteur mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen. BloCnoot zal nooit toestemming geven indien de auteur niet teruggevonden kan worden. Mocht er sprake zijn van misbruik van de inhoud van het gepubliceerde werk op welke manier ook zullen er (in samenspraak met de auteur) stappen ondernomen worden.